Een wedstrijd leiden als arbitrale trio is zoveel lekkerder dan in je eentje fluiten. Bij COVS Nijmegen krijgen we zo nu en dan de kans om dit soort wedstrijden te leiden. Vaak zijn dat mooie momenten in de voorbereiding op de competitie of tijdens de winterstop.
En eerlijk is eerlijk: het is iedere keer weer een geweldige ervaring. Al is het maar omdat je ineens met drie man verantwoordelijk bent als er iets misgaat.
Met piepvlaggen, een headset en twee collega’s naast je voelt een wedstrijd toch anders. Je bent niet alleen verantwoordelijk voor je eigen beslissingen, maar werkt samen als één team. Je helpt elkaar, overlegt en leert van elkaar. En misschien wel het belangrijkste: je hoeft niet alles zelf te zien. Dat scheelt weer een paar grijze haren.
Want het tempo ligt vaak heerlijk hoog. Je moet scherp zijn, blijven anticiperen en voortdurend met elkaar communiceren. Een goede samenwerking is dan geen luxe, maar pure noodzaak. Zeker als je collega via de headset ineens zegt: “Heb jij dat gezien?” en je heel hard hoopt dat het antwoord ja is.
Het mooie van een arbitraal trio is dat je elkaar beter maakt. Je ziet misschien iets wat je collega mist, of andersom. Soms is één blik al genoeg om te weten wat de ander bedoelt. En soms heb je iets meer woorden nodig. Vooral als je na afloop probeert uit te leggen waarom je die ene beslissing écht goed zag.
Na de wedstrijd kun je situaties bespreken, ervaringen delen en van elkaar leren. Iedere wedstrijd levert daardoor weer nieuwe inzichten op. En soms ook een discussie waarvan je thuis denkt: had ik daar nou echt vijf minuten over nagedacht?
Dus krijg je de kans om eens als trio een wedstrijd te leiden? Pak die kans. Ervaring opdoen met een piepvlaggen en headset, samenwerken onder druk en samen proberen een wedstrijd zo goed mogelijk te leiden: daar word je als scheidsrechter alleen maar beter van.
En bovendien: samen fluiten is gewoon leuker. Je hebt collega’s om mee te overleggen, om van te leren en — heel belangrijk — iemand naast je die ook weet hoe lastig het is om 22 spelers, twee assistenten en een klok tevreden te houden.
Samen fluiten is samen leren. Samen lachen helpt ook. En uiteindelijk word je daar allemaal een betere scheidsrechter van.